Wat is de rol van de politiek in tijden van sociale innovatie?

Amsterdam, 13 februari 2018. In De Burcht debatteren de Amsterdamse lijsttrekkers over maatschappelijke vraagstukken, participatie en de rol van de politiek en overheid in tijden van sociale innovatie. Het Kennisnetwerk Amsterdam organiseert het debat in de opmaat naar de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart.

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (1)
We moeten niet zo somber zijn over participatie in de stad, vindt lijsttrekker Eric van der Burg (VVD). ‘We hebben een bloeiend verenigingsleven. En we vinden vrijwilligers die zich er keihard voor willen inzetten. Er zitten hier veel mensen in de zaal die naast hun betaalde functie, heel veel onbetaalde nevenfuncties hebben waarmee zij hun cluppie, hun vereniging sterker en beter maken. Ik vind dat we deze structuren moeten versterken, want het zijn de Amsterdammers die deze stad maken.’
Niet participeren in het politiek-bestuurlijke proces is ook een keuze’, aldus Van der Burg (VVD). Als je genoeg hebt aan je gezin, actief bent op school of in de sportvereniging, dan vind ik dat ook goed. (…) We moeten er natuurlijk wel voor zorgen dat mensen de káns krijgen om te participeren. Daarvoor moeten we drempels wegnemen.’

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (2)
‘Er zijn talloze initiatieven in de stad waarbij je mag hopen dat de overheid er niets mee te maken krijgt’, vindt Rutger Groot Wassink (GroenLinks) ‘Die maakt initiatieven gewoon kapot. Waar wij ons als GroenLinks voor hebben ingezet, zijn zaken als de buurtrechten en Right to Challenge. Bij initiatieven als de Meevaart in Oost en MidWest in West, zie je dat mensen prima zélf dingen kunnen regelen. Of zoals bij het buurtinitiatief Boost, voor de integratie van statushouders, dat zijn toch voorbeelden waar de overheid niet veel meer moet doen dan regels weg nemen, maatwerk leveren en zorgen dat initiatieven lekker hun gang kunnen gaan. Ik hoor u vragen, hoe kom je dan in de begrotingscycli terecht? Nou, als je daarin terecht komt, ben je eigenlijk al verloren. De overheid moet via buurtbudgetten geld ter beschikking stellen, moet faciliterend zijn, maar zeker niet proberen om dit soort initiatieven over te nemen. Dat is de dood in de pot.’

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (3)
Arjan Vliegenthart (SP): Het gaat goed met de stad, maar niet iedereen profiteert daarvan mee. Het grote nadeel van een aanpak die faciliteert, maar niet stuurt, is dat de mensen die weinig hebben, nog minder krijgen. Je moet als gemeente dus ook organiseren. Of, zoals we het met de aanpak van de jeugdwerkloosheid hebben gedaan, langs de deuren gaan.’

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (4)
Marjolein Moorman (PvdA): ‘Ik was vorige week vrijdag bij Nisa voor Nisa, organisatie voor Marokkaanse vrouwen. Het gesprek ging over de schietpartij op Wittenburg. Het was een supergoed gesprek met zo’n 90 moeders. Ze zeiden: “We moeten stoppen met zwijgen, we moeten met elkaar gaan praten.” (…) Deze moeders moeten we blijven betrekken. Er zit veel kracht in de stad, dat moeten we faciliteren, maar ook organiseren, én, én.’ Volgens Moorman vergt deze tijd een sterke overheid, die flexibel is, inspeelt op actuele gebeurtenissen en ingrijpt als er groepen buiten de boot dreigen te vallen.

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (5)
Discussieleider Jan Hoek: ‘Uit de stadsgesprekken blijkt dat er wel een faciliterende overheid is die iets wil, maar als een initiatief niet precies in een potje past, is het heel lastig om binnen te komen en het gesprek aan te gaan.’
Van der Burg beaamt dat dit het geval is, maar dat het vooral hoogopgeleide burgers zijn, die hierover klagen. Het is volgens de wethouder veel pijnlijker dat er Amsterdammers zijn die niet eens weten hoe zij de hulp kunnen krijgen.

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (6)
‘Nu van bovenaf zeggen hoe we het na de wijziging van het bestuurlijk stelsel gaan doen, zou het slechtste idee zijn’, aldus Rutger Groot Wassink (GroenLinks). ‘Vier jaar geleden hebben alle lijsttrekkers, behalve Eric van der Burg, in een zaal vol mensen die enthousiast zijn over participatie, bedacht om een lege paragraaf in het coalitieakkoord te laten staan, om die later in te vullen in gesprek met de stad. Dat is niet gelukt, maar ik zou daar opnieuw voorstander van zijn. Ik vind dat we de verhouding tussen burger en overheid opnieuw moeten definiëren, zowel langs de lijn van de participatieve democratie als de representatieve democratie.’

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (7)
Door de herziening van het bestuurlijk stelsel zie je dat de democratie in de stad weglekt, vindt Moorman (PvdA). Het gaat er om dat de ‘adviseurs uit de buurt’ in het nieuwe stelsel ook echt wat te zeggen krijgen. Moorman: ‘We moeten die commissies zo snel en goed mogelijk weer optuigen.’

GEMEENTEPOLITIEK IN TIJDEN VAN SOCIALE INNOVATIE (8-slot)
‘De nieuwe stadsdeeladviescommissies moeten nauw gaan samenwerken met de buurtmakelaars’, aldus Reinier van Dantzig (D66) ‘Buurtinitiatieven als het Wormenhotel in Oost of het Koffiehuis in het Centrum, moeten we niet kapot maken met ons gesteggel over wie er in welke adviesrol zit, maar gewoon de ruimte geven, dan komt het vast goed.’

Van wie is het Colosseum?

Vrijdag 12 januari 2018 bezocht de bekende Italiaanse professor Christian Iaione Plein ’40 – ’45 in Amsterdam Nieuw-West. Iaione is samen met de Amerikaanse prof Sheila Foster één van de trekkers van de internationale commons beweging. ‘Hoe bereik je een complete gebruikersgroep’, wilde bestuurder Erik Bobeldijk (SP) weten. ‘Wie zijn de minst zichtbare gebruikers van dit plein en hoe geef je ze een stem?’
Interessante vragen, meende Iaione. ‘In Rome stellen we ons de vraag van wie is het Colosseum? Horen hier ook de Australische toeristen bij?’ En zijn advies: Laat altijd één stoel open aan de vergadertafel. Die representeert de vraag: wie zien we over het hoofd? Iaione: ‘Met ons actieonderzoeksprogramma The City as a commons, proberen we voorbij ‘participatie’ te komen. Participatie, dat gebeurt door professionals van de (semi) overheid, die vaak zelf ook zoekende zijn hoe ze tot toekomstbestendige organisaties moeten komen. Hoe we het aanpakken? Soms gebruiken we lokale radiozenders om inwoners te bereiken. Onze houding is adaptief: we sluiten aan bij de lokale situatie en wensen en maken een traject tailor-made. Om ontbrekende stemmen te traceren zijn bijvoorbeeld scholen en ziekenhuizen goede vindplaatsen.’
‘Verschillende community’s zien elkaar als concurrenten’, poneert Bobeldijk. ‘En je bereikt alleen de best persons‘, aldus kwartiermaker Jeroen Jonkers.
Iaione: ‘Wij zijn niet op zoek naar een parallel representatieproces. Dat bestaat immers al. Je zoekt naar actie, ondernemerschap. Dus niet naar iedereen. Je moet niet aan participatie werken, maar aan deliberatieve democratie. Zoek de entrepreneurs op, degenen die ondernemend zijn en die willen leiden. Hoe kom je nu tot creative ownership? Door kleine praktijkjes op te zetten rond urban commons, waarin je tegelijkertijd onderzoek doet naar de rol van ownership, financiën en representatie.’
Iaione: ‘Cruciaal is het om de shift naar actor te maken. Ook als bestuurder, kwartiermaker of onderzoeker. Als je gaat pionieren in enkele kleine praktijkjes, krijg je onmiddellijk micro-oplossingen. Ze zijn klein, maar het zijn oplossingen voor het beheer van de urban commons. Ook op het juridische en financiële vlak.’
Bobeldijk: ‘Heb je concrete voorbeelden uit andere steden?’
Iaione: ‘Concrete oplossinkjes en praktijken uit New York, Bologna en Rome die op dergelijke wijze ontstonden zijn de Community Land Trust, het werken in coöperaties, een winkelstraat waarin tijdelijk geen belasting wordt geheven of waar de bedrijven en bewoners zichzelf voor 6 weken moesten besturen.’De Italiaanse professor benadrukt dat er zo (bestuurlijke) variatie kan ontstaan in en tussen steden. Het zijn polycentrische ontwikkelingen: institutioneel, financieel en bestuurlijk. Zo zijn er naast wetten en regels ook andere manieren om gedrag in het publiek domein in goede banen te leiden, zoals door de regulerende werkingen van religies, reciprociteit (wederkerigheid) en wie weet, ooit, urbane ethiek.

♦ De vraag van vandaag: vrijdag 12 januari 2018

Waarom verhalend verantwoorden?

Naast de reductionistische wijze van verantwoorden, als de data-analyse, gebruiken we in het publiek domein steeds vaker de verhalende manier van impact meten. Soms zelfstandig, vaak gecombineerd met een kwantitatieve analyse. Verhalend onderbouwen kent tenminste drie voordelen:

  • In tegenstelling tot de reductionistische analyse, beschrijft een narratief een casus als totaal;
  • Een verhaal beschrijft zaken, die getallen niet kunnen weergeven. Of zoals Umberto Eco het benoemde: ‘Waarover men geen theorie kan opstellen, dat moet men vertellen.’
  • Vanuit evolutionair oogpunt, zijn mensen verhalenvertellers. Ons brein is ingericht om uit verhalen de keynotes te pikken en te zorgen dat we met de geleerde lessen aan de slag gaan.

Verder lezen: Op verhaal komen, over narratieven in de mens- en cultuurwetenschappen, Frank Ankersmit * Tijdschrift voor communicatiewetenschap, jaargang 43/2015 nr 1: Participatie in en via de journalistiek door Nico Drok * The New York Times, Your Brain on Fiction (2012)

 

♦ De vraag van vandaag: dinsdag 21 november 2017

Wat is de Office for Civic Imagination?

‘Het is de bedoeling dat er in het centrum van Bologna een permanent Living Lab komt’, vertelt Valeria Barbi, EU-coördinator van het Urban Center Bologna, ‘Het Urban Center vorm het hart, met vier connecties naar de andere stadsdistricten.’ Sinds januari 2017 houden collega’s van Valeria bijeenkomsten met bewoners, CityMakers, studenten, migranten en ondernemers om over de komst van de Office for Civic Imagination te spreken: een digitaal platform, vergelijkbaar met Facebook, waar alle partijen hun plannen voor behoud en verbetering van de stad kunnen posten. In december gaat de website online. Vanaf maart 2018 moeten de fysieke LivingLabs hun deuren echt openen.

The office for Civic Imagination is a policy innovation lab, structured as a co-working area internal to the  municipal  administration, through which the civil servants can work together in order to find innovative solution to common problems and implement the principle of civic collaboration. Read more at: http://www.labgov.it

 

What are commons?

Many human beings are willing to put individual benefits aside and cooperate for the common good. The number of citizens’ collectives in Europe is booming. This leads to a growing demand for knowledge and know-how. Researchers from universities all over the world are stepping in.  From 10 – 14 July they gather at the XVI Biennial IASC-Conference in Utrecht. Initiator Tine de Moore explains what commons are.

♦ De vraag van vandaag: dinsdag 4 juli 2017

Hoe tackelen we onze democratische jetlag?

In zijn nieuwste boek The invisible hand beschrijft Bas van Bavel, hoogleraar Transities van Economie en Samenleving de levensfasen van de markteconomie. Van Bavel is somber: ‘We zitten op een kantelpunt van de cyclus. De economie is tanende en neemt in haar val de democratie mee.’

In de sociologie kennen we de term cultural lag als het fenomeen dat de cultuur vaak wat meer tijd nodig heeft om met zijn tijd mee te gaan, dan bijvoorbeeld de techniek. Je krijgt dan een soort na-ijleffect: we gebruiken de sociale media alsof we nog in een dorp wonen, en realiseren ons niet dat onze uitingen de hele wereld over gaan en voor vriend en vijand beschikbaar zijn. Hetzelfde fenomeen zagen we in 2008 bij de bankencrisis: burgers dachten nog dat de banken producten verkopen om de klanten te dienen, maar opeens bleken de producten met name dienstbaar aan het eigen verdienmodel van de bank. Hoe zit dat met de democratie? Is hier ook sprake van een cultural lag? Denken we nog te leven in fase 3, terwijl we al midden in fase 5 zijn aangeland?

♦ De vraag van vandaag: maandag 19 juni 2017

Top-26 Dialogic OD Approaches

Dialogic Organisation Development (DOD) is niet een methode, maar een denkwijze die we de Dialogic Mindset noemen. Anders dan in de reguliere denkwijzen, die organisaties vaak zien als vaststaande entiteiten, gaat Dialogic OD er van uit dat een organisatie een constante stroom is van gesprekken, die niemand kan controleren. ‘Vanuit de Dialogic Mindset kijken we naar onderlinge afhankelijkheden, hoe medewerkers elkaar ondersteunen of beperken. Niemand is helemaal in control’, aldus Gervase Bushe, professor of Leadership and Organization Development at the Beedie School of Business, Simon Fraser University in Vancouver, Canada.

♦ De vraag van vandaag: woensdag 23 mei 2017

Wat leren we van Middelland in transitie?

Rotterdam, 17 mei 2017 

Leg nooit een ambtelijk traject stil, maar haal de bewoners aan het begin van het traject binnen’, aldus Tom Harreman, voorzitter van de gebiedscommissie Delfshaven, Rotterdam. ‘Stoppen, heeft gezorgd voor vertraging en frustraties bij betrokken ambtenaren, bewoners en partijen die wilden investeren in Middelland.’

Als raadslid maakte Harreman in de bestuursperiode 2010 – 2014 het aanwijzen van de zogenaamde focusgebieden in de stad mee. Delfshaven, met haar deelgebieden Tussendijken en Middelland waren twee van die focusgebieden. Er kwam extra geld  voor deze wijken en ambtenaren ontwikkelden samen met bewoners en ondernemers een plan van aanpak, onder leiding van de stadsmarinier. Harreman: ‘Maar toen die extra gelden van 9 miljoen werden toegekend, stak een aantal bewoners hun vinger op en wilden dat burgers inhoudelijk mee mochten beslissen. Na 1.5 jaar zijn we toen gestopt met het lopende ambtelijke traject. Als gebiedsmanager Lot Mertens mijn leermoment van de afgelopen jaren vraagt, dan is het dit: stop nooit met een al eerder ingezet traject, het levert vertraging en frustraties op.’

Zie hieronder een impressie van de buurtmiddag Mooi Middelland

♦ De vraag van vandaag: woensdag 17 mei 2017